Hoe kunnen we de uitstoot van broeikasgassen binnen de veesector verminderen zonder dat dit direct tot problemen voor de Nederlandse boeren leidt?

Het huidige bedrijfsmodel van veel boeren in Nederland is gericht op continue groei en verhoging van efficiëntie om de kostprijs laag te houden, vanwege de grote internationale concurrentie. Dat model is moeilijk verenigbaar met extra investeringen in klimaat- en andere milieumaatregelen, die vaak ook een heel andere bedrijfsvoering vragen. Ook ontbreekt bij veel boeren de kennis voor succesvolle uitvoering. Om boerenbedrijven verregaand te kunnen verduurzamen, zal er dus moeten worden geïnvesteerd in de transitiekosten en zal het huidige Europese landbouwmodel grondig moeten worden hervormd. Dit is alleen mogelijk als er gezamenlijk actie wordt genomen met andere betrokkenen zoals overheden, verwerkende en toeleverende bedrijven en financiële instellingen.

#broeikasgas #veehouderij #boeren

Ook zonder klimaatmaatregelen problemen

Laten we beginnen met vast te stellen dat ook zonder het nemen van klimaatmaatregelen de (melk)veehouderij onder grote druk staat. Er spelen veel zaken waar de boer in Nederland mee te maken heeft, zoals de eisen rond lucht-, water- en natuurkwaliteit en de afname van biodiversiteit, zoals de recente stikstofproblematiek, maar ook de hoge grondprijs en het verouderde boerenbestand met beperkt animo voor opvolging (Erisman en Poppe, 2020).

Sinds het begin van deze eeuw is het aantal melkveebedrijven in Nederland ongeveer gehalveerd (CBS 2021), sinds de jaren ’50 is zelfs bijna 90% van de boeren in Nederland verdwenen (CBS 2021; Schippers, 2016). Het aantal overgebleven bedrijven wordt steeds groter. Dit alles is te begrijpen als we kijken naar de ontwikkeling van de melkprijs; die is met wat pieken en dalen her en der grotendeels gelijk gebleven. Bij een gelijkblijvende prijs en toenemende productiekosten zul je steeds meer en steeds efficiënter moeten gaan produceren om nog wat te kunnen verdienen.

Dit (gebrek aan) verdienmodel verklaart ook waarom bijvoorbeeld de melkveehouderij, ondanks alle maatregelen die worden genomen om broeikasgas uitstoot tegen te gaan, toch steeds meer broeikasgas uitstoot. De hoeveelheid broeikasgas per liter melk gaat door de maatregelen al jaren een beetje omlaag, maar die winst wordt volledig tenietgedaan door de alsmaar doorgaande groei van de sector, waardoor er in het totaal toch steeds meer broeikasgas wordt uitgestoten (Doornewaard et al. 2018).

pexels-matthias-zomer-422218.jpg

Afbeelding via Matthias Zomer via Pexels

Twee zijden van dezelfde medaille

De oplossing voor zowel het klimaatvraagstuk in de landbouw als voor de uit Nederland verdwijnende boeren zit hem dus in dat verdienmodel. Op dit moment opereren de Nederlandse boeren in een zeer competitieve, internationale markt, waarbij de kosten voor arbeid, milieumaatregelen en grondprijs in andere landen vaak lager liggen dan in Nederland. Een serieus alternatief voor die markt is er eigenlijk niet, althans, nog niet voor alle boeren in Nederland, en ingrijpen in die markt mag vaak niet vanwege internationale afspraken over staatssteun en vrije handelsverdragen.

Veel boeren hebben zich ook flink in de schulden gestoken om met hun bedrijf te komen waar ze nu staan. Zolang die investeringen zich nog niet hebben terugverdiend, zullen deze boeren niet zomaar over kunnen stappen naar een heel andere bedrijfsvoering die vaak nodig is voor het verminderen van de broeikasgas uitstoot. Gegeven het tempo waarin klimaatverandering zich voltrekt en klimaat- en milieumaatregelen nodig zijn, wordt de kans dat die investering zich nog terugverdient overigens steeds kleiner. Hierdoor, en vanwege de hoge grondprijs en benodigde investeringen staan jonge boeren niet te trappelen om een bedrijf over te nemen. Bij nieuwe investeringen in (boeren)bedrijven wordt dit risico overigens steeds vaker door banken meegewogen. Voor een serieuze omslag naar een klimaat- en milieuvriendelijk landbouwsysteem zal er dus ook in transitiekosten geïnvesteerd moeten worden, anders zal er niet zomaar beweging in het huidige systeem komen.

Oplossingen

Er is echter een flink aantal Nederlandse boeren dat wel al grote stappen heeft gezet op het gebied van broeikasgasemissies, bijvoorbeeld door meer koolstof in de bodem vast te houden, heel anders met hun mest om te gaan, te stoppen met kunstmest, gebruik te maken van bomen op het bedrijf of stukken natuur te gaan beheren die ook koolstof vastleggen. Veel van die bedrijven hebben met elkaar gemeen dat ze een manier hebben gevonden om uit het model van productie voor een zo laag mogelijke kostprijs voor de wereldmarkt te stappen (Van Dijk et al. 2019). De ene boer verkoopt direct aan consumenten, waardoor er meer marge overblijft, een ander heeft geïnvesteerd in productkwaliteit waardoor veel hogere prijzen gevraagd kunnen worden, weer anderen verdienen extra geld met andere activiteiten dan voedselproductie, bijvoorbeeld met natuurbeheer, een camping, of het betaald vastleggen van koolstof, iets dat nu alleen nog op experimentele basis vergoed wordt (zie bv. De Ruyter 2018).

Om boeren oplossingen te kunnen bieden om hun bedrijf verregaand te verduurzamen, zal het huidige landbouwmodel dus grondig hervormd moeten worden

Het gaat daarbij om diensten voor de maatschappij die de boer met zijn land kan leveren door er juist níet te boeren, of op een veel extensievere manier. Het geld dat we nu moeten uitgeven om die diensten te verkrijgen, bijvoorbeeld voor schoon water, het voortdurende beheer dat in natuurgebieden nodig is door de milieuimpact van de landbouw, hogere uitgaven voor gezondheidszorg door slechtere luchtkwaliteit, etc. kunnen we ook in de landbouw investeren om die impact juist te voorkomen. Een aantal studies laat zien dat die maatschappelijke kosten soms hoger liggen dan de baten voor de landbouw, bijvoorbeeld voor stikstofuitstoot en ontwatering van het veenweidegebied (Van Grinsven et al. 2013, Van Hardeveld et al. 2018).

Sommige bedrijven laten ook zien dat ze zonder expliciet vergoed te worden voor die diensten toch klimaatvriendelijk kunnen boeren, vaak door gebruik van slimme technologie, precisielandbouw en besparing op de kosten door het sluiten van kringlopen op het eigen bedrijf, of door in te zetten op een hogere kwaliteit product dat meer oplevert (Erisman en Verhoeven, 2019). Voor veel andere boeren ontbreekt hiervoor de kennis en know-how, iets wat overigens ook voor het leveren van die maatschappelijke diensten geldt (Van Dijk et al. 2020)

Er is dus niet één ‘silver bullet’ die een oplossing zal vormen voor alle boeren in Nederland. Ook zitten er op dit moment nog heel veel formele en informele regels van het huidige systeem in de weg om zomaar naar een andere markt voor landbouwproducten te kunnen overstappen (Van Dijk et al. 2020; Runhaar 2021). Om boeren oplossingen te kunnen bieden om hun bedrijf verregaand te verduurzamen, zal het huidige landbouwmodel dus grondig hervormd moeten worden. Dit is een opgave die boeren alleen niet voor elkaar kunnen krijgen, en waarin dus gezamenlijk actie nodig is met andere betrokkenen zoals overheden, verwerkende en toeleverende bedrijven en financiële instellingen, niet alleen binnen Nederland, maar ook binnen Europa.

Hoe kwam dit artikel tot stand?

Dit antwoord is geschreven door Jerry van Dijk

Reviewer: Jan Willem Erisman

Redacteur: Stefanie Ypma

Gepubliceerd op: 7-9-2021

Wat vond je van dit antwoord? Geef ons je mening!

[1] CBS (2021). StatLine Landbouw vanaf 1851. CBS, Den Haag. https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/71904ned/table?dl=553A1

[2] De Ruyter, P (2018). Weerbaarder, guller en attractiever. Naar een nieuwe aanpak voor het veen in het Lage Midden van Fryslân. https://peterderuyterlandschap.nl/uploads/PlacesofHope_brochure_def_LR2-1.pdf

[3] Doornewaard, G.J., Reijs, J.W., Beldman, A.C.G., Jager, J.H. & Hoogeveen, M.J. (2018). Sectorrapportage Duurzame Zuivelketen. Rapport 2018-094, Wageningen Economic Research, Wageningen. .

[4] Erisman, J.W., Poppe, K. (2020) De economie van de landbouw. S&D Jaargang 77 Nummer 6. https://www.wbs.nl/sites/default/files/2020-12/03.%20JW%20Erisman%20%26%20K%20Poppe_Economie%20vd%20landbouw_SD_2020_6.pdf

[5] Erisman, J.W., Verhoeven, F. (2019) Kringlooplandbouw in de praktijk - Analyse en aanbevelingen voor beleid. Louis Bolk Instituut, Publicatienummer 2019-013 LbP. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2019/05/08/kringlooplandbouw-in-de-praktijk

[6] Runhaar, H. (2021). Commentary: Four critical conditions for agroecological transitions in Europe, International Journal of Agricultural Sustainability 19: 227-233. .

[7] Schippers, W. Boeren met ontzag. Over groei, grenzen en perspectieven. Uitgegeven in eigen beheer. www.boerenmetontzag.nl .

[8] Van Dijk, J., van der Veer, Geert, Woestenburg, M., Stoop, J., Wijdeven, M., van Veluw, K., Schrijver, R., van den Akker, J., van Woudenberg, E., Kerkhoven, D. & Slot, M. (2020). Waardevolle Informatie Natuurgedreven Kwaliteit - Onderzoek naar een kennis voor natuurgedreven landbouw. http://www.natuurgedreven.nl/wp-content/uploads/2020/05/Eindrapport-WINK-LR.pdf

[9] Van Dijk, J., Verburg, R., Runhaar, H., & Hekkert, M. (2018). Een transitie naar natuur-inclusieve landbouw: van ‘waarom’ naar ‘hoe’. Mejudice, 3 mei 2018. https://www.mejudice.nl/artikelen/detail/een-transitie-naar-natuurinclusieve-landbouw-van-waarom-naar-hoe

[10] Van Grinsven, H.J.M., Holland, M., Jacobsen, B.H., Klimont, Z., Sutton, M.A.& Willems, W.J. (2013). Costs and benefits of nitrogen for Europe and implications for mitigation. Environmental Science and Policy 47(8): 3571-3579. .

[11] Van Hardeveld, H.A., Driessen, P.P.J., Schot, P. & Wassen, M.J. (2018). Supporting collaborative policy processes with a multi-criteria discussion of costs and benefits: The case of soil subsidence in Dutch peatlands. Land Use Policy 77: 425-436. .